Baecke-Fassaert motoriek test (BFMT) toegepast in de praktijk
Door NSPOH
Tijdens het eerste dagdeel verdiep je je in de basis: wat, wie en hoe? Er wordt uitgelegd wat het doel van de BFMT is en waarom we deze test uitvoeren in Nederland. We gaan uiteraard ook in op de lege artis uitvoering van de BFMT, met handige tips en tricks voor uitvoer bij onder andere moeilijke doelgroepen. Hoe zorg je dat het onderzoek bij elk kind lukt? Daarnaast besteden we aandacht aan het bredere beeld: hoe kijk je naar het totaalplaatje van het kind dat voor je zit en naar wie verwijs je door indien nodig.
Bij het tweede dagdeel starten we met een wetenschappelijk kader, welk onderzoek is er gedaan en wat weten we over de onderbouwing van deze test? En wat betekent dit voor de duiding van de testuitkomsten? Kun je op basis van de BFMT wel een goede uitspraak doen over het motorisch functioneren van een kind?
We plaatsen de BFMT in een breder kader dan alleen een verplicht onderdeel van de PGO. Door informatie te kennen over de samenhang tussen een motoriek en andere ontwikkelingsgebieden kun je als zorgprofessional het belang van de motorische ontwikkeling in een breder perspectief zien. Dit helpt in het onderbouwen van adviezen die gegeven worden als de motoriek anders verloopt dan gemiddeld.
Tot slot wordt er ingegaan op een aantal bijzondere testuitslagen. Wat kun je doen als een kind alles nét wel of nét niet kan? Wat zijn nu de typische opmerkelijkheden die makkelijk over het hoofd gezien worden? Wie kun je inschakelen bij welke vragen?
Dagdeel 3 gaat dieper in op specifieke doelgroepen waarbij de motorische ontwikkeling anders kan verlopen. Welke signalen in de observatie van de motoriek zou je kunnen zien, en bij welke kenmerken zou je dat bijvoorbeeld kunnen zien? En waarom is vroegsignalering van mogelijke afwijkende ontwikkeling juist bij deze doelgroepen zo belangrijk?
Competenties
Sprekers
Via haar masterthesis voor kinderfysiotherapie raakte zij betrokken bij het onderwijs over de BFTM. Nu werkt ze 3 dagen pw als kinderfysiotherapeut bij een eerstelijnspraktijk in de Drechtsteden. In haar lessen kijkt ze graag vanuit haar vakgebied naar motoriek. Naast de theorie komen ook haar ervaringen vanuit de praktijk aan bod. Van elkaar leren vindt ze leuk.
eanine Gussinklo werkt als kinderfysiotherapeut bij Revalidatiecentrum Roessingh in Enschede. Zij heeft ervaring met verschillende leeftijdsgroepen maar werkt nu vooral met jongere kinderen. Hier ziet ze veel verschillende kinderen met uiteenlopende diagnoses en variaties van afwijkende motoriek. Graag draagt ze bij aan het vroegtijdig onderkennen van kinderen met een opvallende of afwijkende motoriek, zodat deze kinderen en ouders de juiste zorg en begeleiding krijgen.

De NSPOH (Netherlands School of Public & Occupational Health) levert als non-profit organisatie een waardevolle bijdrage aan de verbetering van de volksgezondheid, de arbeidsomstandigheden en arbeidsparticipatie in Nederland.






















