Polyvagaaltheorie in de spreekkamer
Door RINO Amsterdam
Polyvagaaltheorie in de spreekkamer
De polyvagaaltheorie, ontwikkeld door neurowetenschapper Stephen Porges, beschrijft de gelaagdheid van het autonome zenuwstelsel en hoe deze lagen ons onbewust helpen reageren op (on)veiligheid. Het onbewuste deel van ons zenuwstelsel stelt ons, samen met het centrale zenuwstelsel, in staat om ons te verdedigen of terug te trekken bij gevaar of bij veiligheid te verbinden met anderen. Deb Dana, klinisch maatschappelijk werker, vertaalde deze inzichten naar een therapeutisch model dat breed inzetbaar is in de hulpverleningspraktijk.
De driedaagse cursus Polyvagaaltheorie in de spreekkamer bestaat uit twee aaneengesloten lesdagen om de polyvagaaltheorie in de vingers te krijgen en een terugkomdag voor uitwisseling en verdere verdieping. We staan onder andere stil bij de impact van een verstoord autonoom zenuwstelsel op psychisch en lichamelijk functioneren, zoals bij PTSS of SOLK. Aan bod komen onder meer triggers, glimmers, hulpbronnen en interventies gericht op het kalmeren van het zenuwstelsel. Je doet persoonlijk onderzoek naar je autonome zenuwstelsel en leert praktische regulatie oefeningen.
Doordat je zelf meer zicht krijgt op de werking van het autonome zenuwstelsel, kun je je eigen triggers ombuigen naar een staat van veiligheid. Je kunt cliënten inzicht geven in de samenhang van hun emoties, gedrag en fysieke ervaringen. Ook leer je je cliënten zichzelf te herreguleren, wat de effectiviteit van je behandelingen vergroot.
Competenties
