• share
    • Facebook
    • Twitter
    • LinkedIn
  • PIN 19/09 Zoönosen

    Als huisarts ziet u gemiddeld twee tot drie zoönosen per week, vaak zonder dat u zich ervan bewust bent. Gelukkig lopen zoönotische infecties meestal goed af. Huisartsen hebben bij het signaleren van uitbraken van zoönosen een belangrijke rol. Ze vormen ook in dit opzicht de oren en de ogen van de maatschappij. Een infectieziekte als Q-koorts heeft dat laten zien.

    laptop E-learning
    add 2.0 punten
    euro_symbol € 33.50

    € niet-leden: 48 Prijs leden: € 33.5

    gps_fixed

    Leerdoelen

    Na het maken van deze PIN weet u dat:

    • een huisarts gemiddeld twee tot drie zoönosen per week ziet, vaak zonder dat hij of zij zich ervan bewust is;
    • met name ‘YOPI’s’ (young, old, pregnant, immunodeficient: kinderen, ouderen, zwangeren en immuungecompromiteerden) kwetsbaar zijn voor zoönosen;
    • u laagdrempelig kunt overleggen met een microbioloog bij twijfel over (diagnostiek naar) een zoönose en bij een BRMO (bijzonder resistente micro-organismen)-positieve (urine)kweek.
    business

    Organisatie

    business NHG (Nederlands Huisartsen Genootschap)
    mail_outline r.mimpen@nhg.org
    place Mercatorlaan 1200 3528 BL UTRECHT

    Het Nederlands Huisartsen Genootschap is de wetenschappelijke vereniging van huisartsen en heeft als doel een wetenschappelijk verantwoorde beroepsuitoefening door de huisarts te bevorderen. Door vertaling van wetenschap naar de huisartsenpraktijk draagt het NHG bij aan de professionalisering van de beroepsgroep.

    keyboard_arrow_up